Leerlijn Professionele communicatie met patiënten en collega’s

Als arts heb je veel contact met patiënten, collega’s en andere medewerkers in de gezondheidszorg. Communicatie lijkt vanzelfsprekend, maar onderzoek laat zien dat aandacht voor communicatieve aspecten de efficiëntie en effectiviteit van het geneeskundig proces aanzienlijk kan verbeteren.

In de bachelorjaren 1 en 2 staat de anamnese centraal, waarbij je zowel aandacht besteedt aan klinisch redeneren als aan communicatie: hoe zorg je voor goed contact met de patiënt waarin alle relevante informatie aan bod kan komen? Daarna zet je in bachelorjaar 2 een volgende stap in het consult: het geven van informatie en het bespreken van de verschillende behandelopties om samen met de patiënt een besluit te nemen. Hoe kun je de patiënt motiveren om bijvoorbeeld af te vallen of te stoppen met roken? In bachelorjaar 3 gaan we nog een stapje verder en oefen je met acteurs verschillende lastige situaties met patiënten en collega’s. Je leert omgaan met emoties en wordt uitgedaagd om onvrede of weerstand bespreekbaar te maken terwijl je de relatie in stand houdt. Hoe kun je bijvoorbeeld ‘nee’ zeggen tegen de patiënt of kritiek uitspreken tegen een collega (student) zonder dat dit ten koste gaat van de relatie?

In de master wordt de anamnese opnieuw geoefend op een hoger niveau, afgestemd op de eisen van de coschappen. Lastige situaties zijn nu toegespitst op specifieke situaties, bijvoorbeeld over hoe je een fout kunt bespreken met een patiënt.